Hernieuwde start

Door: Jelle

Blijf op de hoogte en volg Jelle Willem

10 December 2008 | Kameroen, Yaoundé

Zaterdag27 september, Yaoundé
Zit ik woensdagochtend in mijn kantoortje achter mijn computer te worstelen met mijn data analyse, staat daar ineens een aziatisch ogend type in de deuropening. Ik word voorgesteld door z’n Kameroense begeleider, een bollige neger in lubberend verschoten maatpak, die ik wel vaker zie rondlopen. Hij is een manager van een machinefabriekje, maar aangezien de onderneming in handen van de staat is, ben ik nooit verder gekomen dan het aandragen van iedeeen voor de bouw van cassaveverwerkingsmachines. Die ideeen worden wel enthousast in ontvangst genomen, maar helaas staan de ambetenaren hier niet bekend om hun daadkracht.
Afijn, de gast blijkt dus een indier te zijn die zich voordoet als een representant van de overheid. India blijkt te willen investeren in de ontwikkeling van de landbouw in Kameroen. Vooral de graan en rijst productie zijn speerpunten van het programma. Ik vertel hem over mijn werk in de cassave waarbij hij ook weer geinteresseerd mijn ideeen aanhoort. Kameroen zelfvoorzienend in eigen voedselproductie door hogere cassave opbrengsten met verbeterde varieteiten en landbouwmethoden en efficientere mechanische verwerking ervan. Meneer Tiagi geeft me zijn kaartje, hij blijkt voor het bedrijfje Lucky Exports te werken. Meer dan 38 miljoen dollar moet hij binnen zes maanden in projecten hebben gestopt. Ja, daar knipper ik dan ook even van met mijn ogen. Diezelfde middag zet ik een proposal inelkaar en de volgende dag komt hij alweer langs. Helaas kan hij niet echt duidelijke antwoorden produceren over de missie van India. Ook de criteria waar een proposal aan zou moeten voldoen blijkt hij moeilijk onder woorden te kunnen brengen. Dat Indiaase Engels is ook weer een totaal ander dialect dan het Afrikaans Engels. Gaandeweg verminderd mijn enthousiasme verder wanneer hij opsomt welke ‘microcrediet’ projecten hij geidentifieerd heeft. Rijstpellers, brood ovens, sapmachines... het lijkt wel of hij gewoon een afzetmarkt aan het verkennen is. Op dit moment wacht ik even een beetje af op z’n volgende zet. Dat India aan Kameroen wil laten zien dat het best aardige handelspartners zijn, dat behoeft geen verder betoog, gezien Kameroen zelf niet in staat is de schat aan mineralen, waar de wereld zo behoeftig aan is, te delven. Het was wel weer een aardige ontmoeting, zo tussendoor. Eind van de week kregen we ook de FAO nog op bezoek. Hele aardig mensen, die allerlei onuitvoerbare ideeen uitbroeden daar in Rome. Men luisterd wel altijd geinteresseerd naar onze powerpoint presentaties, die we met onze IITA groep steed geroutineerder ten gehore brengen. Oliepalm blijkt nu speerpunt van de strategie. Oliepalm vercommercializeren in de rurale gebieden, blijkt met grote buitenlandse vraag, veel donoren te interesseren. Maarja, het blijft vooralsnog voornamelijk een plantage gewas, waarbij het neerzetten van een oliepersfabriekje niet rendabel is zonder vaste aanvoer.
Goed, het is hier opgehouden met regenen. Ik ga me opmaken voor de Hash.
10-10-08, Parijs Charles de Gaulle, Gate C83
Het is 12 uur in de middag. Mijn vlucht naar Cotonou is ‘prévu a l’heurre’ 13.20. In dat laatste uurtje in de vertrekhal snuif ik de geur op van de westerse welvaart. In ieder geval, ik heb het idee dat die cocktail van expresso koffie, afbakbroodjes en de penetrante lucht die uit de parfum specialiteiten winkeltjes walmt, als luxe artikelen toch meer bij het westerse leefpatroon passen. Ik zie heel veel afrikanen om me heen die zich omgeven door luxe consumptie goederen prima thuis lijken te voelen. Ook ik kan nog eventjes stiekem genieten.
Ik heb afgelopen 4 dagen doorgebracht in een buitenwijk van Stuttgart, waar op de campus van Universität Hohenheim de jaarlijkse Tropentag werd gehouden. Het was heerlijk weer. Nieteens zoveel zon, maar gewoon lekker fris, zonder veel wind. Vanuit mijn hotelletje liep ik elke ochtend en avond twee kilometer door de velden en bossen, alvorens deel te nemen aan de conferentie. Heerlijk die bekende vogelgeluidjes en die bitterzoete geur van de strooisellaag, voor mij zo heerlijk vertrouwd: herfst. Dat is wel anders wakker worden vergeleken met een normale doordeweekse ochtend in Yaoundé, waar ik al voor acht uur op m’n quivieve moet zijn in het onvoorspelbare verkeersgedruis van de stad.
De conferentie was interessant ook al was de inhoud wel heel erg breed met de titel competitie voor natuurlijke hulpbronnen in een veranderende wereld. Veel praatjes over bio-fuels, kunnen ze bijdragen aan de ontwikkeling van rurale gebieden in Afrika. Kans loop je dat grote bedrijven de sector met plantages zullen overnemen, waarbij de arme boertjes op z’n hoogst als arbeiders voor karig loon zouden kunnen meedingen. Jatropha curcas is nog onbewezen in z’n potentie als echt energie gewas, hoewel er toch al vele vierkante kilometers worden beplant. Gedreven door de door EU regels gecreerde vraag naar biodiesel, wordt veel van de oliehoudende zaden van deze plant verwacht. Het vaak gebruikte argument dat de struik het ook goed zou doen op marginale (is onvruchtbare) gronden schijnt niet helemaal op z’n plaats. Ja, de plant komt wel op, maar om economisch interessante opbrengst te genereren, heeft ook dit gewas een basis hoeveelheid voedingsstoffen en water nodig. Maarja, op die plekken waar de grond vruchtbaar is, zouden vooral in de arme landen men voedsel tekorten natuurlijk voedselgewassen geteeld moeten worden. Ookal gezien de voedselcrises die nogsteeds heerst op het afrikaanse continent. Mijn professor van Wageningen, Ken Giller, sprak z’n bezorgdheid uit over de situatie in Bukoba waar men bezig is essentiele weidegebieden voor van vee vol te planten met bomen. Ja, het is altijd goed om kritisch te blijven, ook als het gaat om herbebossen van marginale gronden. Ookal hebben energiebedrijven daar een mooie prijs voor over om aan hun CO2 compensatie credits te voldoen. Ken is een van die briljante onderzoekers die ook nog gewoon een sociaal gesprek kunnen voeren. Hij is inspirerend en laat me kennis maken met veel gevestigde onderzoekers. s’ Avonds is hij ook nog wel te porren voor een half litertje weißbier im Biergarten.
De toekomst ligt volgens mij in het sluiten van de nutrientenkringloop binnen het boeren bedrijf en de locale productie van voedselgewassen voor urbane markten. In Kameroen wonen er al meer mensen in de steden dan op het platteland. Verhoging van de output van basis voedingsgewassen als cassave zijn essetieel. Ik heb mooie resultaten kunnen laten zien in mijn poster presentatie. Verhoogde opbrengsten met 50% met verbeterde varieteiten en voldoende wieden.
Okay, vlucht KL2274 gaat boarden. Nog 5 uurtjes en ik ben weer voor een weekje herenigd met Cathelijne.
8-12-08 Yaondé
Volgens mij is Sinterklaas dit jaar wel heel stilletjes voorbij gegaan aan dat appartementje aan de Novelle route Bastos in de hoofdstad van Kameroen. Vorig jaar hebben we nog met een aantal expats surprises gemaakt, maar dit jaar volgens mij voor’t eerst in m’n leven overgeslagen. Ben enorm veel bezig met aan werk gerelateerde zaken. Teveel denk ik soms. Ik heb me ineens toch weer min of meer met de universiteit verbonden om een PhD onderzoek te gaan doen en daar moet ik ineens heel veel tijd in stoppen. Dan voel ik toch ineens weer een druk die ik misschien wel teveel gemist heb in de afgelopen twee jaar. Ineens kom ik er ook achter dat ik veel teveel activiteiten heb die niet direct bijdragen aan een promotie onderzoek. Een paar voorbeelden. Ik ben van de week druk geweest met het opstellen van een soort samenwerkingsovereenkomst met een zwitserse NGO over het verbeteren van de cassave verwerkingsmachientjes. Patrick van Ferein Grünwerk zou het leuk vinden om daar met technisch hogescholen aan verder te werken. Tuurlijk zeg ik tegen Parick, altijd doen. Maarja, dan even zo’n documentje in het frans opstellen, dat was wel weer een klus van twee dagen. Een ander cassave verwerkingproject is dat van Amougou Mbasogo. Hoewel ik daar niet zoveel tijd meer in hoef te stoppen, bezorgt het me wel veel kopzorgen. Deze man heeft met mijn hulp een proposal bij onze ambassade geaccepteerd weten te krijgen. We (ja, jullie belastingsbetalers in Nederland) gaan een klein cassaveverwerkingsbedrijfje helpen opzetten in Nkolmeyang, een dorpje in de bossen rond de hoofdstad. Nou, dat gaat natuurlijk niet allemaal vlekkeloos en ik word vaak betrokken bij het oplossen van problemen. Dit gaat van het bestrijden van termieten tot het aanleggen een fundatie. Er worden wel enige eisen aan de behuizing de gesubsidieerde machines gesteld voor de donor het projectgeld ter beschikking stelt. Het financiele gat, dat bij deze financieringsconstructie onherroepelijk ontstaat, help te overbruggen. Een microcredit dat wordt terugbetaald wanneer het bedrijfje draait er er geld wordt binnengebracht. Verder heb ik met een bakker het eerste ‘echte’ cassavebrood gebakken. Dat was een beetje een teleurstelling, want het waren niet bepaald luchige zaanse snijders die uit de oven kwamen. Met deze compacte tandenbrekers zou je een stevig huis kunnen neerzetten, dat wel. Nee, dat moet nog even anders. Iets minder cassavemeel en wat meer gist en broodverbeteraar ofzo. Maarja, het bepalen van zo’n receptuur kan een project opzich zijn en ik werk hier natuurlijk allang buiten m’n vakgebied. Ik kom er zelf niet echt aan toe om daar echt snel vooruitgang te boeken. Ik moet me meer op m’n eigen werk, de agronomie van cassave, focussen, dat kreeg ik ook te horen bij m’n jaarlijkse evaluatiegesprek in Ibadan, afgelopen maand. Maarja, het is zo leuk om zo praktisch bezig te zijn. Soms denk ik dat ik me meer ontwikkelingswerker voel dan een echte onderzoeker. Ik wil te snel resultaat, vooruitgang, verbeteringen... maar dat kan niet wanneer je een wetenschappelijke lijn moet volgen. Kijk, als ik aan tien boeren vraag waarom hun cassave het niet goed doet, dan weet ik genoeg. Wil je resultaten publiceren in wetenschappelijke tijdschriften, dan ben je eerst een week bezig met het opstellen van een vragenlijst van vijf pagina’s die je dan aan minimaal 150 boeren wil voorleggen waarbij je minimaal alle welvaartscategorien en agro-ecologische zones vertegenwoordigd wil zien enz enz. De uitkomst is vaak hetzelfde.
Even iets anders. De discussie die we tegenwoordig vaak voeren over onze te voeren strategie is of we ons nog wel moeten focussen op het verhogen van de productie van die kleine, inefficiente boeren bedrijfjes. Ze bedruipen zich wel, maar er wordt weinig voor de markt geproduceerd. Hoe ging dat eigenlijk in Nederland, daar begonnen we toch ook met een grote verzameling kleine keuters? Ik heb me laatst verdiept in het landbouwbeleid van Nederland en Europa met het boek ‘De graanrepubliek’ van F. Westerman. Het na-oorlogse beleid van Sicco Mansholt hield uitbreiding van de productie in, door mechanisatie, schaalvergroting een vaste graanprijs en beschermende tariefmuren. Een vervelend soort natuurlijke select zorgde en zorgt nog steeds voor uitdunning van het nog bestaande aantal argrariers in Nederland. Uiteindelijk is dat beleid een beetje zijn doel voorbijgeschoten en zitten we nu opgescheept met onbegrijpelijke landbouwsubsidies en overschotten die gedumpt worden op de wereldmarkt. Maar ook in Afrika vind uitdunning van de rurale bevolking plaats. In Afrika woont ook al meer dan de helft van de bevolking in stedelijk gebied. Maar hoe komen die mensen dan aan hun voedsel. Niet uit de nationale argrarische sector, aangezien de boeren nog weinig veranderd hebben aan hun kleinschalige landbouwmethoden. De urbane bevolking wordt gevoed met goedkope geimporteerde overschotten uit het westen. Rijst en graan komt met grote bulkcariers de haven van Douala binnen. Afrika is verslaafd gemaakt aan franse stokbroden en aziatische snelkook rijst. Maar moeten we niet ook hier in Afrika naar zelfvoorzienendheid nastreven, net zoals in Nederland van na de hongerwinter? Lijkt me wel, want wat er op de wereldmarkt gebeurd is griezelig onvoorspelbaar en transportkosten zullen uiteindelijk alleen maar stijgen. Maarja, met de deuren wageweid open voor producten die oneerlijk goedkoop zijn gemaakt, is dat lastig. Er is geen concureren aan voor een kleine boer in Afrika met alleen een hak, een machete en een paar stevige armen tot z’n beschikking. Ook hier moeten tariefmuren omhoog. Alleen daarmee krijgt ook de landbouw hier een eerlijke kans om zich te ontwikkelen. Maar dan zijn we weer terug bij onze eerste vraag over welke strategie te volgen. Kiezen we voor het verhogen van productie capaciteit van de gefragmenteerde rurale bevolking? Of slaan we de europese weg in met een beperkt aantal grote bedrijven die met efficientere, gemechaniseerde landbouwmethoden in de nationale voedselvraag voorzien? Voor dat laatste is wel iets te zeggen, niet het minste dat het zich al bewezen heeft in Europa. Dan zou verdere plattelandsontwikkeling zich kunnen richten op een beperkt aantal grote productieve argrarische kernen (dat klinkt communistisch maar het hoeven helemaal geen staatsbedrijven te zijn). Deze doelmatige bedrijven maken gebruik van de laatste technologische inzichten en worden zeker in de eerste jaren gesteund met aan banden leggen van oneerlijke buitenlandse concurrentie en lokale markten met vaste (gesubsieerde) prijs. De rest van het platteland zou gebruikt kunnen worden voor natuurontwikkeling en CO2 vastlegging door herbebossing. Maargoed, daarbij moeten we wel af van het romantisch idee dat bij veel ontwikkelings organisaties heerst van ‘farming families’ in Afrika die in evenwicht met de natuur en leven van op eigen grond (organisch) geteelt voedsel. Hier en daar scharrelt een olijk varkentje, dartelt een geitje of een staat een kluit kippen vrolijk te doen. Nee, de meeste boeren die ik ken, balen enorm van hun bestaan en zouden het liefst hun biezen pakken en naar de stad vertrekken. Daar zijn minder muskieten, zijn betere scholen en gezondheidszorg. Er is electriciteit en entertainment, maarja, er zijn geen banen. Dus blijven ze maar doorsukkelen op dat grondje onder die medogenloze zon. Geen pretje, kan ik uit ervaring meedelen. Het is een saai bestaan en er valt geen droog brood mee te verdienen. De jeugd heeft het inmiddels veelal voor gezien gehouden. Liever relaxed wat rondjes rijden op m’n motortaxi dan de hele dag ploeteren op een akkertje. Aan het eind van de dag heb je net genoeg geld voor een fles bier en een bord (geimporteerde) rijst, maar je zit wel lekker in een bar met muziek, je vrienden om je heen en een televisie met voetbal uit de Engelse competitie. Aan de andere kant zou zo’n migratie naar de stad dus wel moeten betekenen dat het arbeidspotentiaal van al die keuterboertjes met gelijke tred wordt geabsorbeerd in voedselverwerkende industrien en andere meer service gerelateerde sectoren. Een geoliede transitie zie ik nog niet direct zitten aangezien niet-argrarische sectoren helemaal niet zover ontwikkeld zijn. Daarnaast is het maar de vraag of mensen vrijwillig het land van hun voorouders zullen verlaten. Voorbeelden uit bijvoorbeeld Indonesie, waar veel mensen van hun land verdreven zijn voor het opzetten van grootschalige oliepalm plantages stemmen treurig. De bestemming van deze migranten, die niets anders in hun leven gedaan hebben dan rijst en cassave planten, ligt vaak in een treurige sloppenwijk. Daarnaast, zeker Afrikanen voelen zich zeer verbonden met hun geboortegrond die diep verweven is met hun cultuur. Helemaal niet zo helder allemaal, dus naar mijn mening.
Ik wil de lezer ook niet opzadelen met zo’n ambivalent gevoel zoals ik dat nu heb. Gister ben ik op de Promote 2008 geweest. Een bedrijvenbeurs van Kameroen en werkelijk waar, ik stond versteld van het aantal en de mate van professionaliteit die ik in al die stands waarnam. Op dat moment moeilijk voor te stellen dat ik me in een ontwikkelingsland bevond. Prachtig, en dan met een biertje vanaf een terrasje op al die bedrijvigheid op zo’n terrein neerkijkend, dan denk je, YES WE CAN!

  • 10 December 2008 - 11:52

    Jochem:

    Hey Jelle, je wordt toch niet moedeloos en cynisch?? YES WE CAN! lijkt er meer op :) Kop op, sterkte en knallen!
    fijne kerst alvast!

  • 10 December 2008 - 14:02

    Fedor:

    Ach en wee, heeft de goedheiligman je overgeslagen, maar dat is verschrikkelijk. Ook hier in Nederland is hij min of meer aan mij voorbij gegaan, ik heb op de valreep nog een chocoladeletter van Vrony gehad. Wellicht heeft z'n stoomboot averij opgelopen door het signaalvuur dat we op the banks of river Rhine hebben gebouwd.
    Goed om van je te horen verder. Je klinkt bijna als een politicus of antropoloog als ik het zo hoor. Als je in een identiteitscrisis zit: denk dan even aan de momenten dat je met kijker in de hand vol ontdekkingsenthousiasme achter een kruisbekpaapdotje aanrent. Greets uit het koude Wageningen.

  • 15 December 2008 - 18:20

    Marijke:

    Ha, die Jelle,
    Daar was je weer eens met een teken van leven!
    Dat was al weer een tijdje geleden, heb je wel een beetje gemist hoor!
    Kan me voorstellen dat de Sint het iets te ver vond om door te reizen naar Afrika! Maar ik weet zeker dat de Kerstman je niet zal vergeten!
    Iedereen de groeten en heel fijne kerstdagen.
    Liefs Marijke en de jongens

  • 17 December 2008 - 20:29

    Marleen Stellingwerf:

    Hoi Jelle Je ziet er anders uit.ik kan heel mooi dwarsfluit spelen.

  • 03 Januari 2009 - 17:15

    Iko Zijlstra (Burgum:

    Beste Jelle Willem,

    Op zoek naar de mogelijk-
    heid voor een (micro)cre-
    diet voor een vriend (Kameroenees) uit Bamenda (hij wil benzine distribuëren in ''rural areas''; daar een tank
    plaatsen en uitventen; startkapitaal Euro 5.000,--), kwam ik je website tegen. Prachtig verteld, mooi om te lezen. Overigens, wat het bakken van casavebrood betreft, bakkerijgrondstoffenfabriek
    Zeelandia uit Zierikzee-men werkt ook internationaal- zou hiermee kunnen helpen misschien in hun proefbakkerij. Tenminste, als er voor hen een commerciëel perspectief in zit. Als je wilt, kan ik het contact leggen.

  • 06 Januari 2009 - 10:08

    Iko Zijlstra:

    Ben vergeten mijn e-mailadres te geven.
    Dit is: dezijlstras@hotmail.com

Reageer op dit reisverslag

Je kunt nu ook Smileys gebruiken. Via de toolbar, toetsenbord of door eerst : te typen en dan een woord bijvoorbeeld :smiley

Verslag uit: Kameroen, Yaoundé

Leven en werk als expat in Kameroen

Landbouwkundig onderzoeker

Recente Reisverslagen:

14 September 2009

Afscheid van Kameroen

16 Februari 2009

White man does traditional mariage

10 December 2008

Hernieuwde start

22 September 2008

Hernieuwde start

28 April 2008

Mijmeringen op de zondagavond

10 April 2008

Het geheim van de grot

29 Februari 2008

Situatie geforceerd onder controle

27 Februari 2008

Situatie verslechterd

26 Februari 2008

Onrustig in Kameroen

09 Januari 2008

Popular justice

19 December 2007

Niets aan de hand in Togoland

05 November 2007

Een dagje veldwerk

26 Oktober 2007

Zelfreflectie na een jaar Kameroen

21 Mei 2007

De cursus: deel 3

30 Maart 2007

Roundtrip Cameroon

22 Januari 2007

Avonturen in de avonduren

26 December 2006

Veetransport en Sinterklaasoptocht

29 November 2006

IITA Hqt Nigeria

03 November 2006

fieldwork and workshop

20 Oktober 2006

Appeltaart en wildschotel

09 Oktober 2006

Cursus: Hoe word ik Afrikaan

28 September 2006

Contact info + eerste foto's

28 September 2006

La première semaine à IITA

23 September 2006

bananen, bananen en nog eens bananen

19 September 2006

Jelle gaat lekker

07 September 2006

Jelle......wat ga je doen.....in Kameroen!?

18 Februari 2006

Nog eens teruglezen?
Jelle Willem

Landbouwkundig onderzoeker in de tropen

Actief sinds 30 Nov. -0001
Verslag gelezen: 560
Totaal aantal bezoekers 58134

Voorgaande reizen:

18 September 2006 - 23 September 2009

Leven en werk als expat in Kameroen

Landen bezocht: