Cursus: Hoe word ik Afrikaan

Door: Jelle

Blijf op de hoogte en volg Jelle Willem

09 Oktober 2006 | Kameroen, Yaoundé

Algemene mededelig:
De schrijver wil u graag mededelen dat de de gepubliceerde teksten van een behoorlijke lengte zijn. Dit heeft enerzijds te maken met het feit dat hij zich in een zeer inspirerende omgeving bevindt. Anderzijds heeft hij uit betrouwbare bron (zijn moeder) vernomen, dat er een therapeutische werking uitgaat van het op papier zetten van gedachten en ervaringen. U bent gewaarschuwd.


1 oktober 2006, Yaoundé
Na een week op de compound van IITA te hebben doorgebracht is me duidelijk geworden in wat voor luxepositie ik me bevind. In principe heb ik een ‘carte blance’ gekregen voor drie jaar onderzoek in de tropen. Ik mag helemaal zelf bepalen welke richting ik op wil gaan. Er wordt niet veel van me verwacht, lijkt het. Dat klinkt natuurlijk erg leuk. Aan de andere kant vind ik het lastig om mijn strategie te bepalen, in een vakgebied waar ik nog niet zo mee bekend ben. Al dat lezen en die papiermolen van de administratie gaven me wel het gevoel niet echt productief te kunnen zijn, dat eerste weekje. Gelukkig mag ik een eerste experimentje gaan opzetten om de effecten van een heetwaterbehandeling van zaailingen op de groei van de bananenplant opzetten. Daarnaast heb ik gevraagd om een aantal lopende cassave experimenten over te nemen. Dat betekend volgende week mijn eerste echte veldwerk. Met mijn ‘mede-Afrikanen’ oogsten en meten. De velden liggen allemaal ver weg, dus dat wordt kamperen in de bush. Stefan heeft voor deze situaties een tent in de auto liggen. Ik kijk er naar uit.

Zaterdagmiddag ben ik overigens officieel geïnaugureerd bij de Hush House Harriers (HHH). Rüben, een Nederlandse APO, was zo aardig om me te introduceren bij zijn hardloopcluppie. Of ‘a group of drinkers, with a running problem’, zoals Paul, een gezette tweedehands autohandelaar uit Yaoundé het noemt. In colonne reed het gezelschap, overigens voornamelijk bestaande uit Afrikanen, door de buitenwijken van Yaoundé de heuvels in. Het was een heerlijk zonnige namiddag, waarbij we de stad onder ons net in de schaduw van de vallei zagen verdwijnen. De meeste heuvels rond de stad zijn inmiddels ook bewoond, maar dan moet je niet denken aan krottenwijken. De woningen zijn uitgestrooid over de hellingen met veel tussenliggende ruimte waar het dagelijkse voedsel kan worden gebouwd. Het straalt enige orde, regelmaat en reinheid uit, die je niet zo op het eerste gezicht verwacht.
In deze setting was dus de Hush uitgezet. Ik was zelf ook niet bekend met dit oorspronkelijk door Engelse expatroits geïntroduceerde fenomeen, dus laat ik het even kort uitleggen. Een van de leden van het hush-team van de dag zet met kalk (vroeger papiersnippers) een route door de bush uit. Bij splitsingen in het parcours moet, wanneer dat aangegeven is met een witte kalkcirkel, gezamelijk gezocht worden naar de juiste route. Er zijn ook dwaalsporen, dus er moet goed samengewerkt en gecommuniceerd worden. Een opzich vrij individuele sport als hardlopen kan dan toch ineens een teamsport worden. Ik was in eerste instantie een beetje verbaast over de manier waarop de groepsleden die wat achterliggen op de hoogte gehouden worden van de juiste route. Het waren voornamelijk dierlijke kreten vergelijkbaar met die van twee vechtende mannelijke roofdieren wanneer de rangorde in de troep opnieuw bepaald moet worden. Ook herrinnerde het me vaag aan een documentaire van National Geographic Channel over een groep samenwerkende pygmeeën op jacht naar het laatste wild een stukje oerbos in de Congo. Iets van een primair oergevoel viel over me heen, zoals het jagersinstict misschien nog ergens ver weg in iedere mannelijke ziel verankerd ligt. Het duurde niet zo lang voor ik me over enige gêne heen had gezet en ook vrolijk brullend door de boerenveldjes holde, de locale gemeenschap in verbijstering achterlatend. Meestal werden we overigens met lachende gezichten gadegeslagen. Alleen bij een hoogmis, in de buitenlucht langs het parcours opgedragen door een originele witte pater, kon ik me indenken dat onze luidruchtige aanwezigheid iets minder werd gewaardeerd.
Na een uurtje draven, was het ook wel weer genoeg en kon eindelijk de koelbox met bier open. Toen was het tijd voor weer wat verwarrende ceremoniele plichtplegingen waarbij we al zingend (geen idee wat we zongen, volgens mij iets in het Ewondo) en onsamenhangend met onze ledematen zwaaiend in een kring stonden. In het midden van de kring werden een aantal biertje ge-ad. Ach, het was een fijne middag met allemaal nieuwe, gezellige mensen die je zo leert kennen. En het was bemoedigend om te zien hoe fraai de omgeving net buiten de stad is.
Na deze week is Ome Stefan trouwens twee weken zurück nach die Heimat. Het zou een beetje flauw zijn om te zeggen dat dat de kat op het spek binden is. Ik heb een goede relatie met Flora, op puur platonisch vlak en dat houd ik ook nog een tijdje zo. Ik kan het hier ‘Chez Hauser’ nog wel een tijdje uithouden met een goede kok en privé lessen Frans.

5-10-2006, Akonolinga
Na de maandag van voorbereidingen zijn we dinsdagochtend vroeg vertrokken voor een naar schatting 3 dagen durende evaluatie van een experimenteel veld nabij het stadje Akonolinga, zo’n 120 km ten oosten van Yaoundé. Ik voel me in mijn element met de auto vol Afrikanen op expeditie in de bush, precies zoals ik me het vooraf had voorgesteld. In totaal heb ik zes locale werknemers van IITA bij me, waarvan er drie mee gaan om onkruid te wieden en de andere drie mij assisteren bij het verzamelen van data van de bananenplanten. In het begin zijn ze nog wat onwennig, maar al snel ontdooit de sfeer en hebben we het ‘Afrikaans’ gezellig. Ik kan het goed vinden met mijn rechterhand, Emmanuel, die een iets hogere positie dan de rest heeft en ook goed Engels spreekt. Via hem communiceer is vooralsnog voor het meerendeel met de francofones.
In Akonolinga zoeken we snel een goedkoop hotel, alvorens de proefvelden te bezoeken. Athans dat was mijn voornemen. Voor mijn gevoel duurt het uitzoeken van een accomodatie echt wat te lang, maar ik onderdruk mijn ongeduld nog maar even. Uiteindelijk hebben we nog zeker anderhalf uur kunnen werken. Vanaf Akonolinga is het namelijk nog zeker een half uur rijden over ‘dirt roads’ door het secundaire regenwoud. Het valt me op hoeveel oppervlak van na tijdelijk argrarisch gebruik weer opnieuw opgeschoten bos dit gebied beslaat. De verzamelingen van ‘mudd walled huts’ langs de weg zijn relatief schaars. Voor onze begrippen ziet het er schrijnend primitief uit, maar ik heb het gevoel dat de bewoners hier niet zoveel te klagen hebben. Okay, er is geen electriciteit of stromend water en andere vormen van westers comfort, maar misschien zit daar bij hun geen eerste geluksbeleving in. De mensen stralen hier een waardigheid uit zoals ik dat tot nu toe eigenlijk overal in op het Afrikaanse platteland heb aangetroffen. Als we dan toch aan ontwikkeling willen denken is het altijd hoopgevend om de meeste kinderen in ieder geval naar de lagere school te zien gaan. Voldoende voedsel is er in ieder geval. Ze leven (nog) in een comfortable positie waarbij er geen gebrek aan vruchtbaar land is. Overal staan de gewassen tussen de verkoolde resten van de weggebrande, originele vegetatie er zo te zien goed bij. Ook aan ‘lifestock’ is geen gebrek. Een verzameling van half wilde varkens, geiten en kippen kan ik vaak maar ternauwernood ontwijken wanneer ze onverschillig vlak voor de bumper nog snel even de oversteek naar de andere kant van de weg wagen.

Het werk in deze omstandigheden vergt nogal wat fysieke inspanning en doorzettingsvermogen. In deze net ontgonnen plots is het onkruid opgeschoten tot boven de schouders. Daarnaast is het vergeven van de insecten die zich bij naderend gevaar in alle richtingen wegschieten, niet zelden in de richting van de verstoringsbron. Het valt me op divers de entomofauna is. Met een opvallend hoog aantal predatoire soorten als roofwantsen, bidsprinkhanen en trekmieren, zal het wel goed zitten met de balans in het ecosysteem. Er wordt natuurlijk ook geen gif gespoten, op een nematicide behandeling van de grond op enkele plots na.
Het werk wordt verder bemoeilijkt door een groot aantal dode boomstammen die je door het struikgewas pas waarneemt als je er met je knie tegenaan stoot. Soms is het echt zoeken naar de bananenplanten die in soms verzopen zijn in een zee van sappig groen. Een oude, aan het zicht onttrokken ‘pit-latrine’, die ik alleen maar door de geur opmerkte toen het te laat was, met door een ieder te bedenken gevolgen van dien, deed een behoorlijk beroep op mijn discipline.
Toch schieten we de eerste dagen goed op, mede doordat de onkruid wieders (geholpen door locaal gerecruteerde loonwerkers) ons het werk een stuk makkelijker maken. De fysieke inspanning die het wieden met een mascete inhoudt, in combinatie met de klimatologische condities, dwingen ons ertoe om het werk in deze dagen te concentreren in de ochtenduren. Half zeven haal ik de mannen op bij hun hotel, rond een uur of twee zet ik ze weer af. s’Middags rond een uurtje of vier, tot het buiten weer wat aangenamer wordt, ontwaak ik weer uit een zweterig middagdutje. Samen met Emmanuel logeer ik in het iets propere Moabi hotel, gelegen aan de rivier de Njong. Zoals alles hier eigenlijk, wordt is het in amobinabele staat; door de constante hoge luchtvochtigheid is alles eigenlijk vergeven van de schimmels. Niets is hier kastdroog te krijgen. Een van de gevolgen is volgens mij ook dat pensions in de lagere prijscatagorie gekenmerkt worden door die zure lucht die je opsnuift wanneer je je neus in de kussens drukt.

Afijn, na het diner, is er dus nog even tijd om in de schemer om het brede stroomdal van de Njiong te bezoeken. Misschien moet ik hier eerst even melding maken van het belang van de visserij in dit stadje, en dan met name één vis in het bijzonder. De kanga. Deze zoetwatervis kan een lengte van zo’n 1.20 meter berijken en heeft zeer goede culinaire eigenschappen, kan ik naar eigen ervaring met u delen. Van mijn kostgezin had ik ook opdracht gekregen een aantal exemplaren mee te nemen, maar dit bleek een lastiger opgave dan gedacht. Op de pier in de uiterwaarden waar de drinkwatermaatschappij haar waterinvoer had aangelegd, werd ons verteld dat vissers hun ‘catch of the day’ binnenbrachten. Op de pier aangekomen werden we verrast door het grote aantal marktvrouwen dat zich hier gewapend met grote plastic zakken had verzameld. verdrongen Tot vijf uur zaten de meeste ‘viswijfen’ nog op de grote pijpleiding, waarvan de trilling veroorzaakt door de waterpompen ook bij hun ongetwijfeld een aangenaam gevoel in de onderbuik teweeggebracht moet hebben. Wanneer de eerste vissers in hun ‘dug-out canoes’ in zicht komen wordt de stemming onrustig en begint men zich te verdringen aan de waterkant. De vissers lijken geen haast te maken om als eerste de oevers te berijken. Integendeel, rustig wachten ze op elkaar en lijken ze de vangst te verzamelen in een van de boten. Wellicht wordt er aan een vorm van prijsmanipulatie gewerkt. Op de kant berijkt de spanning intussen grote hoogte en ook onze verwachtingen zijn hoog. Pogingen, in de vorm van vragende, voor mij onverstaanbare teksten, volgens mij om een idee van de inhoud van de boten te krijgen, blijven vruchteloos. De eerste kanos worden behendig landen eindelijk in het riet langs te oevers. Allen blijken leeg. De laatste zal dus wel de buit van vandaag bevatten van zeker 6 tot 7 boten. Nu wordt het allemaal een beetje chaotisch. Tot onze verbazing bevat de laatste boot maar drie vissen van enig formaat. De rest is allemaal ondermaats en is als kralen aan lange strengen waterplanten geregen. De populariteit van de kanga zal wel tot overbevissing hebben geleid, en terwijl ik voor me de strijd onder de vrouwen om de vis zie voltrekken, laat ik mijn hoop om met vis naar huis te gaan maar varen.
Bashiru, een op het eerste gezicht intelligent jongen, maar eigenlijk alleen als dommekracht ingezet als onkruidwieder, ziet nog wel enige hoop. Hij maakt een deal met een visserman voor de volgende dag.
Eerst is er nog een dag wieden voor de boeg, maar het weer is ons niet gezind. Al om acht uur staat die bekende koperen ploert ons in de nek te branden. Mijn handen zijn beide al behoorlijk met blaren bezaaid. Toch lukt het om de doelen van de dag te berijken. De lunch bestaande uit gekookte cassave en safu (een soort vrucht in vorm lijkend op een pruim, maar pas eetbaar na gekookt of geroosterd te zijn) wordt opgeluisterd door een muzikaal optreden van een Pygmee, of een afstammeling ervan. De pure oerklanken van zijn stem, begeleid met een soort gitaar, zijn niet zuiver, maar wel op een bepaalde manier ontroerend. Kippevel. Lokale jeugd lijkt de troebadoer alleen maar de gek aan te steken. Het onderdrukte pymeeënvolk, eens de grootste etnische groep in Kameroen, is inmiddels door de bantustammen in Kameroen diep de oerwouden ingedreven. Daar waar ze met hun geringe lichaamlengte toch in het openbaar treden, worden ze zwaar gediscrimineerd. Ik vergelijk ze een beetje met de zigeuners in Europa. Toch worden gerespecteerd, vooral op hun jagerskwaliteiten. Daar waren we de ochtend ervoor al mee geconfronteerd toen hij met een nog luid krijsende neushornvogel (pipings hornbill) aan kwam lopen, die hij had aangeschoten met zijn katapult.
Hoewel ik de kans vooraf erg klein achtte, zijn we die avond toch nog met twee redelijk grote kanga’s teruggekeerd van de pier. Natuurlijk moesten we er wel iets extra’s voor neertellen, maarja, daar ben je dan ook weer een Westerling voor. Die vis in zo lekker, daar heb ik dan wel wat minachtende blikken van de vrouwen, waarvan velen die avond met lege handen achterbleven.
Na laatste ochtend werken in Eyende, het dorpje waar we het proefveld zich bevond, betaal ik de boeren voor hun arbeid. De auto is afgeladen met trossen kookbananen die hier goedkoper zijn dan in de stad. Het lijkt de gewoonte te zijn, mij was in ieder geval niet gevraagd of ik het ermee eens was. Ik heb daar natuurlijk niets op tegen, dat de laadruimte tot het plafond to met die kleverige bananen, ligt volgestapeld, maar er willen ook nog veel mensen meeliften. Ik vraag me werkelijk af of de andere mannen die achterin zitten dat zullen het accepteren. Enfin, er is natuurlijk weer onenigheid wanneer er geld geroken is door ander dorpelingen. Direct moeten er allerlei achterstallige betalingen worden afgelost door een van de lifters/onkruidwieders. Op een bepaald moment verlies ik echt mijn geduld. Een boze schuldeiser blijft moeilijk doen en belet een van de lifters om in te stappen. Deze gast komt ook behoorlijk gestressed over en ik voorzie dat er binnen enige minuten klappen gaan vallen. Ik krab me nog eens achter de oren en besluit dan dat het verstandiger is om te vertrekken, voor de boel gaat escaleren. De auto is inmiddels toch ook meer dan vol (de bijrijdersstoel is bezet door twee personen en op de achterbank zitten er nog zes + een baby en een kip). Aftaaien dus. Met verbazing zie ik evenwel na honder meter die gast toch nog in de auto springen. Het portier kan alleen nog dicht wanneer er minstens zeven mensen behoorlijk bekneld komen te zitten, maar niemand klaagt erover. Karren maar dus, hoewel ik in de binnenspiegel ook enige ontevredenheid in de gezichten bespeur. Toch begint iedereen weer te lachen als ik ze vraag of het toch nog een beetje comfortabel zit daar achterin, en ik openlijk mijn twijfels uit over hun antwoord. Wanneer we de lifters in Akonolinga afzetten gaat er een zucht van verlichting door de auto. Atu is er letterlijk en figuurlijk nog het meest bescheten van afgekomen. Z’n broek is bevlekt met de vochtige uitwerpselen van of de kip of de baby. Maarja, dat maakt eigenlijk ook geen verschil. Ik baal eigenlijk een beetje van die geur de in de auto hangt. In eerste instantie geef ik die ongewassen Afrikanen de schuld, tot ik bij mezelf bemerk dat dat niet helemaal eerlijk is. Met twee grote vissen bungelend aan de buitenspiegels (leek me beter om ze bij die temperatuur niet in de auto te leggen) stuiven we weer terug naar de hoofdstad.

7-10-2006, Yaoundé
Voetbal speelt een grote rol in het dagelijks leven binnen de Kameroense maatschappij. Het leek me dus wel een goede stap voorwaards in mijn integratieproces om eens een wedstrijd van het bekende nationale elftal van Kameroen bij te wonen. Wat een geluk dat deze kans zich vandaag al aandiende met een wedstrijd tegen het altijd lastige buurland Equatoriaal Guinee. Een land waar je zowel qua voetbalprestaties of anderszijds nooit iets over hoort. Dat laatste is overigens over het algemeen een goed teken is in Afrika. De kwalificatiewedstrijd voor de African Cup of Nations in Ghana 2008 werd gehouden in het stadion bij mij om de hoek. Het is een afzichtelijke, betonnen kolos, maar oogt zeer praktisch. Hoewel het dan wat minder comfortabel zit, heeft het beton ook z’n voordelen. Het is goedkoop, makkelijk te bewerken en vrijwel onderhoudsvrij. Ook al straalt het bouwerk dan weinig sfeer uit, dat compenseren de kleurrijk geklede supporters met gemak. Er hangt een vriendelijke maar uitgelaten sfeer, gevoed door opzwepend ritme geproduceerd uit talloze trommels op de tribunes. Er gaat een ongekende golf van enthousiasme door het stadion wanneer de ‘Lions’ het veld voor het eerst betreden. Dat de publiekslieveling, Samuel Eto’o, geblesseerd is, is natuurlijk wel jammer, maar tegen deze tegenstander zal dat toch geen probleem zijn. Naar Afrikaans gebruik is de aftrap een paar kwatiertjes later dan geplant; Afrikanen smullen nou eenmaal altijd van ceremoniële plichtplegingen. Dus eerst een parade van de militaire fanfare, een toespraak van de Minister van Sport en Fysieke Educatie en een belerend praatje van de aanvoerder over de gevaren van AIDS. Maar dan na de volksliederen gaat het eindelijk van start. En hoe, met een kopbal op de paal en een afgekeurd doelpunt in de eerste twee minuten. Ondanks het vlammende begin lijkt de onverbiddelijke zon een verlammend effect op zowel de spelers als het publiek te hebben. De bondscoach, Arie Haan (alweer zo’n Nederlander) ziet met lede ogen het gepruts van defensie, middenveld en aanval aan. Gelukkig worden we aan het eind van de tweede helft getrakteerd op een tropische wolkbreuk, waardoor zowel het publiek als de spelers een opleving lijken te krijgen. Binnen no-time staan we met 3-0 voor. Het publiek gaat uit z’n dak en er wordt uitbundig feest gevierd op de tribunes en nog lang daarna in de stad. Weer een stap verder in de cusus, hoe word ik Afrikaan.

  • 09 Oktober 2006 - 11:06

    Fedor:

    Zoweeee, wat een verhaal. Laat ik dat maar niet tijdens arbeidsuren tot me nemen... Ik stel het even uit. Ik kan je wel melden dat ik eindelijk je boeje heb geregeld: ) Nu wachten tot ze het opsturen! Ej, had je mijn email nog gehad eigenlijk?

  • 09 Oktober 2006 - 11:33

    Jos:

    Wat een schitterend verhaal Jelle. Ik kan me voorstellen dat je zelf ook wel eens denkt, wat zal dat worden de komende 3 jaar. Een eigen invulling is niet zo eenvoudig. Willen ze daar nog steeds niet aan een vaste verblijfplaats? Met de mest van kippen en varkens en een flinke mulchlaag hoef je toch niet steeds naar nieuwe landbouwgronden te vertrekken. Dat is toch ouderwets. Misschien moet je daar op richten de komende jaren. Wat een werk zeg, iedere keer al dat onkruid.

  • 09 Oktober 2006 - 12:32

    Yde:

    Hoe word ik een Afrikaan. Hoe verzin je zoiets?
    Bewondering en er bij willen horen natuurlijk.
    Wel moedig voor iemand van de andere kant van de afsluitdijk. Je zou hem eerder verkoeling zien zoeken bij een Noorse presbiteriaanse lerares van een wezen internaat.
    Maar inderdaad de clown uithangen helpt wel met de initiatie tot .....
    De lengte van het verhaal mag best wat langer. Misschien kunnen er wat vluchtige pentekeningen bij, dat deed pater Melchior vroeger ook.
    Maar een digitaal fotootje kan ook altijd.
    Bananen of cassave. Zouden ze geen bloemen willen telen? Daar zit geld in.
    Te eten hebben ze genoeg, maar altijt te weinig geld.
    Nou ik stop, anders verteld Fedor dat ik in de ozo belangrijke arbeidsuren zit te rammelen

  • 09 Oktober 2006 - 15:39

    Marijke:

    dat is een leuk hardloopprogramma!
    Ga ik ook opzetten als ik er weer aan toe ben! Geweldig!
    Het gaat je goed af daar,
    liefs ook van de boys.

  • 09 Oktober 2006 - 16:49

    Ilona:

    Heey!
    Hier in Berkeley maak ik helaas niet zo'n leuke avonturen mee als jij daar. Alhoewel, geweren trekkende politieagenten zijn toch ook nieuw voor mij :)
    Veel plezier daar met je cursus, ik weet zeker dat je helemaal zult slagen!

  • 09 Oktober 2006 - 20:52

    Fedor:

    Sjeeeele, wat een heerlijk verhaal. Ik was van plan nog een boek te lezen voor 't slapen gaan, maar dat is nu niet meer nodig! Echt een leuke lap tekst, zit van alles in!! Ik neem aan dat dit straks weer gebundeld gaat worden in een bestseller? In ieder geval lijk je het daar super aan te pakken, je ziet het zelf als normaal dat je met je poten in de stront en het snot in je ogen onkruid gaat wieden, maar ik denk dat dat je siert. Gast, jij pakt het daar aan zoals het moet, je bouwt eerst (ons veelbesproken) fundament (of in het geval van wageningen, een lanceerplatform) en bouwt daar toekomst op. Te gek.Het zou wel top zijn als je de vrijheid krijgt om tijdens phd o.i.d. weer een uitstapje richting de insecten te maken...
    Ik kijk uit naar je volgende verhaal! Fedor (p.s. Yde, we kunnen dit toch als werk zien, zolang Jelle maar wat schrijft over de insectenstand daar).

  • 10 Oktober 2006 - 16:19

    Lineke:

    Hoi Jelle,
    't Vonkt en spettert van het beeldscherm. Wat een tomeloze energie. Wel op tijd rust om op te laden met dat hele mooie boek uit het antiquariaat van Wageningen.
    Veel liefs van mij

  • 10 Oktober 2006 - 18:32

    Elly:

    Jelle, man wat geweldig! Ik lees je verhaal en ben voor mijn gevoel gewoon bij je, zo levensecht vertel je het allemaal. Prachtig om het op deze manier te delen met zoveel mensen.
    We missen je wel hoor bij het volleyballen!

  • 11 Oktober 2006 - 19:18

    Josina:

    Door je trotse ma ´bijna gedwongen ´deze site te bewonderen en daarbij de nieuwsgierigheid van wat er van je geworden is ben ik onder de indruk Jelle. Ik heb met veel plezier je teksten gelezen en kan concluderen dat de trots ontzettend terecht is! :-)Blijf jezelf blij maken. Dat zal uitstralen in je werkzaamheden daar.

  • 17 Oktober 2006 - 20:18

    Willy:

    het was weer een geweldig verhaal leuk om te lezen
    We kijken weer uit naar de volgende.............

  • 26 Oktober 2006 - 19:36

    Minoes:

    Hallo Jelle, eindelijk ben ik toegekomen aan het lezen van je inburgeringstraject. Mooie belevenissen Jelle. Ik heb trouwens gisterenavond je boek uitgelezen en heb in bed (ik kom alleen toe aan echt lezen als ik eenmaal in bed lig) vaak liggen schudden van het lachen. Ook heb ik Jan regelmatig passages voorgelezen. Hij mag het nu lezen. Prachtige verhalen Jelle en wat een andere wereld! Boeit mij trouwens erg. Zelf ben ik ook een beetje Afrikaan (blij met hele kleine dingen, van bijna niks iets maken en ook oog hebbend voor de kleine dingen). Afgelopen dinsdag muziek gemaakt met Jeroen op z'n trompet, man wat kan die vent blazen en heel goed improviseren, zodat we al een heel aantal nummers samen hebben gespeeld, wordt zeker vervolgd, het is een enorme opkikker voor ons allemaal. Nou Jelle, ik ga weer naar de kids, heel veel moois toegewenst door Minoes.

Reageer op dit reisverslag

Je kunt nu ook Smileys gebruiken. Via de toolbar, toetsenbord of door eerst : te typen en dan een woord bijvoorbeeld :smiley

Verslag uit: Kameroen, Yaoundé

Leven en werk als expat in Kameroen

Landbouwkundig onderzoeker

Recente Reisverslagen:

14 September 2009

Afscheid van Kameroen

16 Februari 2009

White man does traditional mariage

10 December 2008

Hernieuwde start

22 September 2008

Hernieuwde start

28 April 2008

Mijmeringen op de zondagavond

10 April 2008

Het geheim van de grot

29 Februari 2008

Situatie geforceerd onder controle

27 Februari 2008

Situatie verslechterd

26 Februari 2008

Onrustig in Kameroen

09 Januari 2008

Popular justice

19 December 2007

Niets aan de hand in Togoland

05 November 2007

Een dagje veldwerk

26 Oktober 2007

Zelfreflectie na een jaar Kameroen

21 Mei 2007

De cursus: deel 3

30 Maart 2007

Roundtrip Cameroon

22 Januari 2007

Avonturen in de avonduren

26 December 2006

Veetransport en Sinterklaasoptocht

29 November 2006

IITA Hqt Nigeria

03 November 2006

fieldwork and workshop

20 Oktober 2006

Appeltaart en wildschotel

09 Oktober 2006

Cursus: Hoe word ik Afrikaan

28 September 2006

Contact info + eerste foto's

28 September 2006

La première semaine à IITA

23 September 2006

bananen, bananen en nog eens bananen

19 September 2006

Jelle gaat lekker

07 September 2006

Jelle......wat ga je doen.....in Kameroen!?

18 Februari 2006

Nog eens teruglezen?
Jelle Willem

Landbouwkundig onderzoeker in de tropen

Actief sinds 30 Nov. -0001
Verslag gelezen: 289
Totaal aantal bezoekers 58134

Voorgaande reizen:

18 September 2006 - 23 September 2009

Leven en werk als expat in Kameroen

Landen bezocht: